Wedergeboorte

Puur biologisch is “wedergeboorte” een problematische term. We kunnen maar eenmaal geboren worden, net zoals we slechts eenmalig (zullen) sterven. Willen we aan de term enige betekenis verlenen, moeten we het ruimer en anders bekijken. Vorige week vierden we Pasen. Dan gedenken we de verrijzenis van Christus. Nog zo’n biologisch probleem. Verrijzenis is een kwestie van geloof, wordt wel eens gezegd. Zou dat ook gelden voor “wedergeboorte”? Is dat eveneens een kwestie van geloof? En zou het kunnen dat wedergeboorte en verrijzenis eigenlijk hetzelfde benoemen?

We zeggen het soms wel eens, na een moeilijke periode: “We voelen ons herboren”. Niet dat iemand na een ernstige ziekte letterlijk opnieuw wordt geboren, maar niet zelden voelt hij of zij dat als een nieuw begin. Alsof je levend dood was en opnieuw tot leven komt. Het hoeft trouwens niet altijd zo dramatisch te zijn als ziekte. Wedergeboorte zit in de cyclische ervaring van de wereld rondom ons. In de winter heerst duisternis en dood. En in het begin van de lente zien we het botten van de blaren: voorzichtig licht kondigt nieuw leven aan.

Die ervaring heeft iets van een jaarlijkse wedergeboorte. Als christen voeg ik eraan toe: dat is verrijzenis. En dat heeft alles te maken met hoe je geloof ervaart. Voor christenen is het geloof in God (Vader, Zoon en Geest) geen statisch gegeven. Het is voortdurend in mindere of meerdere mate in beweging. Een verrijzeniservaring heb je als je – ik zou bijna zeggen: aan den lijve – ervaart dat het ultieme kwaad nooit het laatste woord heeft. Dat je je altijd opnieuw kan keren tot God en Hem om raad vragen. Die bekering is zo belangrijk dat we er in de katholieke kerk een sacrament van hebben gemaakt. Dat van de verzoening. Dat is geen formaliteit. Pas na oprechte vergeving en verzoening is verrijzenis of wedergeboorte opnieuw mogelijk.

Wedergeboorte vraagt bekering. En bekering vraagt vertrouwen. Het mooie is: we hebben dat als mens niet alleen in de hand. Als ons geloof inderdaad tweerichtingsverkeer is, dan moeten we erop vertrouwen dat het wel goed komt. Lees er het verhaal van de Emmaüsgangers maar op na. Zij dachten dat alles anders zou worden na Pasen. Maar misschien keken ze aanvankelijk te zeer met biologische ogen. Te weinig met ogen van geloof. Totdat Hij het brood breekt. Daar gebeurt het. Daar worden wij geboren. Telkens opnieuw. Overal waar mensen brood breken en delen.

Misschien worden we op het einde van ons aardse leven eveneens opnieuw geboren. Toen Dietrich Bonhoeffer 75 jaar geleden in gevangenschap werd vermoord, luidden zijn laatste woorden: “Dit is het einde, voor mij het begin van het leven”. Wat een bekering. En wat een immens vertrouwen in Hem. Zouden wij ook?